Wat Zweden ons leert over omgang met kinderen en de natuur

Friluftsliv, onthoud dat woord vooral

Door de overheid gesubsidieerde kleuterscholen, 480 dagen ouderschapsverlof, extra buitenspeeltijd, boskleuterscholen, slapen in de natuur als schooluitje. Het zijn slechts enkele voordelen van het opvoeden van kinderen in Zweden en andere Scandinavische landen. Friluftsliv, de Zweedse term voor leven met de natuur, is hier niet alleen een opvoedingsstrategie, maar een manier van leven.

“Friluftsliv is een breed begrip in Zweden. Van bessen plukken en vissen tot een natuurwandeling of fietsen in de buurt van je huis”, schrijft Linda Åkeson McGurk in haar nieuwe boek over kinderen en natuur, There’s No Such Thing as Bad Weather genaamd.

“Er zijn veel redenen om niet naar buiten te gaan”, zegt de schrijfster die ooit van Zweden naar de Verenigde Staten is verhuisd. “Friluftsliv gooit er veel overboord. Zie het als een continue kans om naar buiten te gaan en te genieten van de natuur – winter of zomer, dag of nacht, regen of zonneschijn, modder, ijzel of sneeuw.”

Het grootste deel van het jaar zijn de dagen in Zweden koud, nat en donker. Maar het klimaat tempert het enthousiasme voor friluftsliv niet. In de stad Stockholm spelen kinderen in de zomer gemiddeld 6 uren buiten en ‘s winters 1,5 uur. Daarbuiten ligt het gemiddelde nog veel hoger. Nederlandse kinderen zitten in ieder geval veel meer binnen.

Misschien is het hier in het dichtbevolkte Nederland minder realistisch om scholen in bossen te plaatsen en te leven met de natuur. Maar met deze zeven lessen die we tijdens het lezen van het boek van McGurk hebben opgedaan, kom je een heel eind.

#1 Denk klein

“Niet alle ontmoetingen met de natuur hoeven groots te zijn”, schrijft McGurk. “De natuur is overal, niet alleen in nationale parken. Overal zijn bomen die dagelijks verschillen van kleur, overal bloeien bloemen. Zelfs een bries op je gezicht creëert verbinding met de natuur, die bijdraagt aan je gezondheid en geluk.”

#2 Gooi smetvrees overboord

“Laat je kinderen vooral ook vies worden. De meeste bacteriën in onze omgeving zijn volkomen onschadelijk en sommige soorten zijn zelfs gunstig voor onze gezondheid en welzijn. Tijd doorbrengen in de buitenlucht is een van de weinige dingen die een kind in de beginjaren echt nodig heeft. Als het onderdeel van je dagelijkse leven gaat uitmaken, wordt het een tweede natuur.”

#3 Moedig risico’s onder kinderen aan

De SIRE-campagne ‘Laat jongens weer jongens zijn’, leverde in Nederland behoorlijk wat kritiek op. Maar als je puur naar de boodschap kijkt – minder beschermend, meer risico’s – is dat volgens McGurk niet helemaal terecht. Zij het dat McGurk zich richt op alle kinderen en niet alleen op ‘jongens’.

“Scandinaviërs omarmen gevaarlijke activiteiten en gereedschappen; boompje klimmen, van een touwladder springen, een gebied verkennen waar je misschien verdwaalt, leren hoe je een vuurtje maakt of een zaag gebruikt. Helaas is risico in veel landen een negatief begrip, maar het is juist een essentieel onderdeel van de opvoeding. Kinderen moeten gevaren leren inschatten en de natuur is daarvoor de beste plek. Daar horen open knieën en geschaafde ellebogen bij. In Zweden noemen we dat ‘zomerpoten’.”

#4 Zorg voor rommeligheid

“In Amerika zie ik speelplaatsen waar kinderen helemaal niet meer hun verbeelding en fantasie kunnen gebruiken. Ze zien er allemaal hetzelfde en overgeorganiseerd uit. In Zweden en andere Noord-Europese landen komen ‘junk playgrounds’ op. Speelplekken met oude bouwmaterialen, kartonnen dozen, stokken, verf, touwen, hooibalen en hout.”

“Dit kun je ook zelf creëren natuurlijk. Let er wel op dat je spijkers en al verwijdert. Je zult in ieder geval zien dat kinderen tijdens het spelen veel meer gaan samenwerken en creatiever worden.”

#5 Model Friluftsliv

“Het is belangrijk dat je het als ouder leuk vindt om buiten te zijn en dat ook uitstraalt. Dit slaat over op kinderen. Ik heb mezelf voorgenomen om iedere dag samen met mijn kinderen buiten te zijn. Soms is dat voor schooltijd, soms erna. En zonder telefoon. In Amerika zie ik veel ouders met een telefoon lopen, terwijl hun kinderen aan het spelen zijn. Daarmee straal je dus uit dat de natuur je niets interesseert.”

#6 Pleit voor meer natuur in steden

“Natuur is belangrijk voor onze gezondheid, maar is niet overal te vinden. Er zijn artsen die kinderen met ADHD geen ritalin geven, maar meer tijd in de natuur adviseren. Maar in veel steden valt nog veel te winnen, zoals veilige fietspaden en wandelroutes en meer groene speelplekken”, schrijft McGurk.

“Zit zelf niet stil en kom op voor het feit dat kinderen recht hebben op speelplekken, veilige stoepen, parken en wandelroutes. Zelf belde ik de verkeersveilgheidsafdeling van mijn stad om te vragen om een zebrapad op weg naar de school van mijn dochter. Ik had verwacht dat de aanvraag zou oplossen in bureaucratie, maar tot mijn verbazing werd ik twee weken later teruggebeld met de boodschap dat ze waren begonnen met het zebrapad.”

#7 Kijk eens naar de schoolstructuur in Zweden

Schoolbesturen en -directeurs, lezen jullie mee? In Zweden zitten kinderen minder uren in het klaslokaal. In ruil daarvoor spelen ze meer buiten.

“Kinderen kunnen zich niet zo lang concentreren. Drie grote pauzes, waarin ze kunnen buitenspelen en energie kwijt kunnen, is al een goede oplossing. Dit zorgt uiteindelijk voor veel meer rust in de hoofdjes.”

Ook wordt er op Zweedse basisscholen veel minder de nadruk gelegd op prestaties. Pas in de laatste klas van de basisschool krijgen ze een rapport. “Kinderen moeten vooral de ruimte hebben om kind te zijn. Eigenlijk zouden scholen zo veel mogelijk in de natuur moeten staan. En speelplaatsen op school moeten minder steen bevatten en meer bosjes en gras.”

Het boek

Deze opsomming is slechts een schim van de wijsheden die Linda Åkeson McGurk opschrijft in haar boek. Net als ieder ander boek hoef je natuurlijk niet alles ineens letterlijk over te nemen in je dagelijkse leven. Feit is dat There’s No Such Thing as Bad Weather uitpuilt van de eyeopeners, ook voor mensen zonder zonder kinderen.