Ik kocht een jaar geen kleding en deze 7 grote lessen haalde ik eruit

12 maanden geleden begon ik aan een serieuze fashion challenge: helemaal geen kleding kopen. Ook geen schoenen, juwelen en andere accessoires. En nee, óók geen tweedehands. Een pittige uitdaging, maar niet onhaalbaar. Zeker niet in tijden van een pandemie, waarin er dagen waren dat ik me niet eens aankleedde. Toch ben ik één keer voor de bijl gegaan. Daarna heb ik me herpakt en inmiddels is het jaar voorbij. Een kleine recap van mijn proces.  

Al jarenlang was ik bezig met minder kopen. Ontspullen. En méér leven als een minimalist. Maar voor iemand die haar carrière ooit starte als mode-, beauty- en lifestylejournalist bij een glossy magazine, moest ik dan ook van ver komen.

Hoe het allemaal begon

Ik had een gigantische kledingkast (inclusief Louboutains die te pijnlijk waren om op te lopen), nagellak in alle kleuren van de regenboog (ja, óók mosgroen) en genoeg bikini’s om 2 weken op vakantie te gaan en elke dag een andere aan te trekken. Tot ik zo’n 7 jaar geleden moest verhuizen van een grote woonboot naar een klein appartement.

Ineens kwam ik tot de conclusie dat ik wel héél veel spullen had verzameld in de loop der jaren. Heel veel kleren, heel veel schoenen, heel veel tassen, heel veel sieraden, heel veel van alles eigenlijk. En hoeveel had ik nou werkelijk nodig? Daarbij, waar moest ik het laten? Ik had in mijn popperige onderkomen maar beperkte ruimte.

Luister ook: Bedrock Talks: over minimalisme en duurzaamheid met Jelle Derckx

Anti-koopdrang

Dus ik begon met ontspullen. Marktplaats werd mijn nieuwe vriend, veel kleding ging naar een tweedehands winkel en wat ik niet meer kon verkopen verdween in een Sympany container. Zo wist ik mijn garderobekast te halveren en hield ik alleen de items waar ik écht blij van werd. En als ik iets had gekocht, moest er ook iets uit.

Naast mijn wens om minimalistischer te leven, ging ik me verder verdiepen in een bewuste levensstijl en de vervuiling van de kledingindustrie, waardoor mijn aversie tegen de consumptiemaatschappij steeds groter werd. Ik kreeg steeds meer moeite met het aanschaffen van nieuwe kleding, wat resulteerde in een soort anti-koopdrang.

Ik heb al een jurk

Het hele idee van winkelen ging me steeds meer tegenstaan en als ik dan toch weer eens in een winkel belandde, dacht ik bij elke leuke jurk die ik zag: ik heb al een jurk. En bij elke mooie ketting: ik heb al een ketting. Terwijl ik heel erg van mode houd. Nog steeds! Maar de laatste jaren ging ik al niet meer zo graag ‘shoppen’, want het nut van nieuwe spullen was in mijn ogen verdwenen.

Must read: Elke week een nieuwe outfit? Dit is de (verborgen) impact van kleding op het milieu

Ik was verzadigd. En als ik dan al iets kocht, dan was het meestal tweedehands. Sowieso moest ik er meestal een paar nachtjes over slapen, want ik moest wel echt 100 procent zeker weten dat ik het heel vaak zou gaan dragen.

Eigenlijk was de stap naar ‘echt helemaal níets meer kopen’ dus niet eens zo groot meer. Het afkickproces van fast fashion was een paar jaar geleden al gestart en ik ben dol op challenges. Dus deze serious fashion challenge kwam voor mij als geroepen.

Een betekenisvolle en duurzame garderobekast

Nu zijn we 12 maanden verder en moet ik zeggen dat het me eigenlijk best is meegevallen. Echt waar! Natuurlijk was het niet altijd even makkelijk, maar als je eenmaal in de flow zit, geeft het namelijk ook heel veel rust om helemaal niks te kopen. Je hoeft er namelijk ook niet over na te denken!

Je hoeft geen winkels meer in, je hoeft geen webshops af te struinen, je hoeft niks te passen of op zoek te gaan naar de juiste maat. En je hoeft ook niet uit te rekenen of je wel geld genoeg hebt om het te kunnen betalen.

Het gaf me ook een soort kracht om ‘nee’ tegen mezelf te zeggen. Eigenlijk kwam ik er al gauw achter dat winkelen een gewoonte is. Soms doe je het zelfs uit verveling, om even de tijd te doden als je tussen twee afspraken zit. Deze serieuze fashion challenge heeft me dus meer inzicht in mijn gedrag, rust, meer tijd en uiteraard meer geld opgeleverd. Maar wat heb ik er nog meer van geleerd?

Kledingruil events zijn top!

Ze zijn de perfecte manier om te kunnen shoppen, zonder ook maar íets te consumeren. Bedenk van tevoren wel goed wat je meeneemt (misschien niet die ene jurk, die je ook voor veel geld op Marktplaats had kunnen verkopen). En als je de clothing swap zelf organiseert (zo doe je dat!), bedenk dan goed wie je uitnodigt (het liefst vriendinnen die min of meer de zelfde maat én stijl hebben) en wat de regels zijn.

Zo is het bijvoorbeeld fijn om aan het einde van de middag of avond een ronde te maken om te kijken wat iedereen heeft gescoord. Op die manier kun je checken of het een beetje eerlijk is verlopen.

Lees ook: Yes! De eerste kledingruil-winkel van Nederland is een feit (en je vindt ‘m in Rotterdam)

Ik heb áltijd iets om aan te doen!

Natuurlijk stond ik afgelopen jaar weleens voor mijn kast en dacht ik, wat moet ik nu weer áán? Ik denk dat elke vrouw dat wel eens heeft. Maar doordat ik niks nieuws mocht kopen, bleef ik mijn eigen garderobe steeds opnieuw uitvinden. Ik droeg items die ik al jaren niet meer had gedragen, door ze anders te combineren.

Het zorgde ervoor dat ik creatiever werd om leuke outfits te creëren en beter leerde shoppen in mijn eigen kledingkast.

Goed zorgen voor je kleding is key!

Vroeger was ik niet zo’n ster in het verzorgen van mijn kleding. Sterker nog, ik heb best wel wat kleding vern**kt in de wasmachine en heb ook weleens per ongeluk een wit t-shirt roze geverfd. Maar sinds ik bewuster bezig ben met mijn garderobe (en het milieu), heb ik geleerd dat ik een hoop tijd en geld kan besparen door goed voor mijn kleding te zorgen.

Ook lezen: Waarom repareren altijd beter is dan vervangen

Zo gebruik ik nu minder wasmiddel, doe ik amper nog wat in de droger en was ik überhaupt véél minder. Kleding verslijt namelijk niet eens zo snel door het dragen, maar voornamelijk door het wassen.

Een opgeruimde kast zorgt voor meer opties!

Alles wat je niet ziet, draag je niet. Daarom moet je moet regelmatig door je hele (!) kledingkast gaan, weggooien wat je niet meer draagt, zodat je een beter overzicht kunt creëren. Dus: géén jasjes over jurkjes hangen en géén stapels achter stapels leggen. Na een goede opruimsessie heb je – als het goed is – geen items meer in je kast hangen die je ‘mwah’ vindt en blijven er alleen nog maar items over waar je blij van wordt.

Wees niet te streng voor jezelf!

Soms loop je iets tegen het lijf wat helemaal jouw ding is, zoals ik deze zomer deed. Misschien is het niet helemaal eerlijk geproduceerd of van een duurzame stof, maar je weet wel dat je het jaren zult dragen.

Ook kocht ik begin van dit jaar – geheel tegen de regels in – 3 armbanden, die ik sindsdien elke dag (én nacht) om heb. Het zou bijna raar zijn als ik die níet had gekocht, want die armbanden horen inmiddels bij mij, net zoals dat mijn neus me hoort. Oh, en nu ik toch aan het biechten ben: ik heb ook een panty gekocht met kerst.

Dus maak het jezelf ook niet te zwaar. Het leven is al ingewikkeld genoeg en door heel streng te zijn, kan het zijn dat je het niet volhoudt en meteen weer terugvalt in je oude koopgedrag. Terwijl de progressie juist in de bewustwording ligt!

Meer over duurzame mode:

Vegan kookinspiratie nodig?

Schrijf je in voor de mailing en download Bedrock's Grote Vegan Kookboek 🌿

Reageer op artikel:
Ik kocht een jaar geen kleding en deze 7 grote lessen haalde ik eruit
Sluiten