De gigantische impact van ál die festivals (en hoe we dat kunnen verminderen)

"Als je weet hoeveel impact één hamburger heeft, is de berekening voor 40.000 man snel gemaakt"

Zonder je verder een schuldgevoel aan te praten, even een paar cijfers op een rij: één festivalbezoeker produceert gemiddeld 2 kilo afval per festivaldag. Voor één lekkere hamburger is 1500 liter water nodig. En een gemiddelde area op een festival waar 3000 man kan losgaan, verbruikt per dag net zoveel stroom als drie huishoudens in een heel jaar. Tel je festivals van deze zomer bij elkaar op en reken maar uit. Oops…

Met elk weekend tientallen festivals op de kalender is het is tijd om dingen bewuster aan te pakken. En hoewel dat hier en daar écht al wel gebeurt – denk aan bekertjes waarop je statiegeld krijgt of afval dat je moet scheiden – zijn er nog heel veel gemakkelijke manieren om de bizar grote impact drastisch te verminderen. Dat zegt Kiki Calis, freelance eventproducer, sustainability manager voor GROW Festival en spreker op The School of House.

“Er zijn gelukkig mooie voorbeelden van hoe verduurzamen op een simpele manier kan,” vertelt ze. “In het buitenland is Shambala Festival echt een voorloper, en Glastonbury Festival doet bijvoorbeeld veel met afvalverwerking. In Nederland doet ID&T met Welcome to the Future veel goeds. En zelf heb ik van dichtbij meegemaakt in de organisatie van DGTL Festival, waar ik eindverantwoordelijk voor de productie was, hoe het op een écht vette manier kan.”

Bullsh*t

“Het begint allemaal met kennis,” legt Kiki uit. “We moeten bewuster worden van wat we uitstoten. Als je weet hoeveel impact alleen al één hamburger heeft, is de berekening voor een publiek van 40.000 man snel gemaakt. En wat dacht je van hoe we een park achterlaten na een festival, hoe lang het duurt voordat een plant überhaupt weer gaat groeien nadat ‘ie is fijngestampt en dat daardoor misschien wel alle bijtjes uit een park verdwijnen? Ik noem maar wat. Allemaal omdat wij een dag of een weekend los willen gaan. Als je dat weet… Ja, dan is het bijna gek als je er niets mee doet toch?”

Als je een festival organiseert waarmee je zoveel jonge mensen aanspreekt, moet je gewoon je verantwoordelijkheid pakken, vindt Kiki. “Het is echt bullshit om te zeggen; we gaan een vette dag organiseren, daar gaan we lekker centjes mee verdienen en dan gaan we weer door naar de volgende. Je bent iets heel vervuilends aan het doen. Denk aan liters diesel, stroomverbruik, de uitstoot die al dat vlees heeft opgeleverd. Het slaat helemaal nergens op.”

“Gelukkig zijn er veel ontwikkelingen gaande, maar er zijn nog té weinig festivalorganisaties – en dan met name de allergrootste – die hun verantwoordelijkheid nemen. Juist als je zo groot bent, heb je een enorme impact en dus kun je ook een grote verandering maken. In het verbruik en de uitstoot zelf, maar ook in de communicatie over dit onderwerp naar de bezoekers. Ik geloof dat dit dé manier is om jonge mensen in deze tijd een beetje aan te wakkeren en te laten zien dat je op een hele gemakkelijke manier verschil kunt maken.”

DGTL Festival

In haar talks voor The School of House licht Kiki onder andere DGTL Festival als voorbeeldcase toe: “Omdat we met DGTL zo’n stoer concept hadden, met een dikke line-up, op de NDSM-werf in Amsterdam, zochten we naar een manier om duurzaamheid op een toffe manier te integreren. Zonder geitenwollensokken-sausje, zeg maar. Dat kan alleen als het heel positief benaderd wordt en je niet op een belerend toontje zegt wat mensen wel of niet mogen doen. Want uiteindelijk willen festivalgangers natuurlijk plezier hebben, daarvoor gaan ze naar DGTL; ze willen gewoon een vette dag. En als het je dan lukt om mensen onbewust tóch onderdeel van een beweging te laten zijn en ze daarmee een goed gevoel te geven, doe je het goed volgens mij.”

“Het mooiste voorbeeld vind ik dat we met DGTL helemaal vega zijn gegaan. Dat is eigenlijk iets heel simpels, maar waarmee we zoveel transport, zoveel water en zoveel stroom hebben bespaard. Zónder dat mensen er iets voor hoefden te doen. Wij hebben het allemaal geregeld, ervoor gezorgd dat er superlekker eten was en niemand had er last van. Het leukste was dat onze vaste cateraars, zoals de Burgermeester, het supertof vonden en speciaal een vega-menu bedachten voor DGTL.”

“Natuurlijk was het spannend om opeens geen vlees meer te serveren, want veel mensen hadden hun kaartje al gekocht toen we dit aankondigden. Maar mensen vonden het cool. In onze communicatie hebben we het bewust simpel gehouden. We hebben dus niet gezegd dat je nooit meer vlees mag eten, alleen dat wij dit gaan doen voor dit weekend omdat we hiermee zoveel besparen. En dat geeft een toffe vibe: moet je kijken wat we met z’n allen gedaan hebben! De enige soort van negatieve reactie was dat een paar mensen zeiden: ‘hoezo bepalen jullie dit voor mij?’ Maar ja, wij bepalen ook de programmering voor je. En wie per se een frikadel wil, kan gewoon naar een festival waar ze dat verkopen.”

Composttoiletten

Het laatste festival dat Kiki organiseerde was GROW Festival in Almere en daarmee gaat ze een stap verder in duurzaamheid: “GROW wordt georganiseerd op het eiland Utopia. En deze locatie mogen we, naast het jaarlijkse hiphop-festival, blijven doorontwikkelen. Het wordt echt een soort broedplaats voor duurzame ideeën. Een hele goede formule, omdat je zo écht tot in detail kan gaan in het gebruik van duurzame materialen.”

“Er moesten bijvoorbeeld bomen gekapt worden op het eiland, omdat er een ziekte in zat,” licht Kiki toe. “Toen dacht ik; hoe tof als we dat hout weer kunnen gebruiken voor de decors en de signingpalen en het zo op het eiland kunnen laten. We hebben tijdens het festival de hele grond bedekt met die houtsnippers, dus we hadden hele mooie paden én het voedde de grond op hetzelfde moment.”

“Daarnaast hadden we bijvoorbeeld composttoiletten gehuurd van Paradigm Festival, die ook mooie dingen doen. Dat is ook zoiets vets. Die toilethokjes zien er vet mooi uit. Je zit op een gewone wc en als je klaar bent, gooi je er een bakje zaagsel achteraan. En dat zaagsel kwam weer van die bomen op ‘t eiland. Het resultaat is dat je aan het eind van het festival een composthoop kunt maken, waarmee je het eiland weer kunt bemesten. Én doordat je zaagsel gebruikt, stinkt het veel minder dan zo’n smerige festivalplee.”

Om het gebied zo goed mogelijk in te richten is Kiki zelfs met een ecoloog het terrein gaan verkennen: “Het is een natuurgebied, dus daar willen we rekening mee houden. Rondom het gebied van een reigerkolonie of de burcht van een bever gaan we niks doen. Of op een stukje vervuilde grond laten we onze bezoekers niet dansen. We hebben echt op die manier naar de locatie gekeken en dat gaat wel een stapje verder dan alleen je stroomverbruik een beetje terugdringen.”

Samensmelten

“Uiteindelijk is de grote uitdaging om het écht leuk te maken. Op GROW hebben we de hiphop-wereld laten samenkomen met duurzame activiteiten. Dat is nu gelukt en voor volgend jaar gaan we kijken hoe we dat nóg meer kunnen laten samensmelten. Hoe kun je bijvoorbeeld artiesten meer betrekken? Dit jaar hebben we bijvoorbeeld al van tevoren met rapper Jermaine Niffer geluiden opgenomen op het eiland en daarmee heeft Esko een track gemaakt. Zo raak je de juiste snaar, denk ik. De kunst is om duurzaamheid in alles terug te laten komen en helemaal te integreren in het concept.”

Het volgende festival dat Kiki organiseert is Bohemian Universe, op 29 juli in Scheveningen, waar een conscious-line-up wordt geïntegreerd met een toffe muziekline-up. Overdag kun je talks volgen van bijvoorbeeld een sjamaan over ayahuasca, over stresspreventie, de kracht van de maan en je kunt zelfs een kruidenwandeling maken door de duinen. Ook is er een vintage markt. Dankzij een nachtvergunning kan er tot laat worden gefeest, met als afsluiter dj Omar Souleyman.

Vragen of ideeën? Je kunt contact Kiki opnemen via [email protected].

Meer lezen?

De festivals kleuren groen: de trend van duurzaamheid en bewustwording.