Wat is écht vrij zijn nou precies: en hoe bereik je het zonder veel geld of vrije tijd?

Wie niets verlangt is pas echt vrij

Vrijheid. Wie droomt er niet van een vrij leven? Toch kiezen de meeste mensen voor een leven zonder vrijheid. Ze hebben een partner, een huis, een vaste baan en kinderen. Maar wat is vrijheid eigenlijk? En maakt het ons gelukkig?

Waarom zijn er zo weinig vrouwen die op zaterdag graag in de garage staan te timmeren? Waarom vind je ze niet in hun eentje met een vishengel in de regen bij het kanaal? Of alleen op hun zolderkamer om air guitar te spelen?

Vraag het een willekeurige vrouw en het antwoord zal zijn: ‘waarom wel?’ Stel je de vraag aan een man, dan zal hij gelukzalig glimlachen. Nou ja, misschien niet bij het idee van vissen in de regen, maar wellicht dat hij denkt aan klimmen op zijn racefiets in de bergen, off piste skiën of met driehonderd kilometer per uur over de Duitse Autobahn rijden. En waarom? Omdat het een enorm gevoel van vrijheid geeft. En vrijheid, zo blijkt, is niets anders dan het idee hebben dat jij bepaalt wat er gebeurt. Dat je het gevoel hebt dat jij de baas van je leven bent in plaats van andersom.

"Dat juist mannen een voortdurende hang naar vrijheid lijken te hebben, dat hebben reclamemakers haarfijn in de gaten"

Wie oud genoeg is – boven de veertig – herinnert zich de Marlboro Man nog wel. Rokende cowboys die dolgelukkig waren wanneer ze op hun paard door de bergen trokken. Nog voor de acteurs uit de reclame aan longkanker stierven, was dit het beeld dat mannen moest verleiden. Dit was het gevoel van vrijheid dat elke man wel wilde. Uit een langlopend onderzoek naar reclameboodschappen blijkt dat de vrijheid om te kiezen opvallend vaak de hoofdboodschap is.

De vrijheid om te doen wat je zelf graag wil is een behoefte waar je pas aan kunt voldoen als de basisbehoeften daaronder zijn vervuld

Reclamemakers mogen dan rekening houden met de vrijheid waar mensen van dromen, in de psychologie wordt vrijheid heel anders gezien. Niet als droom, maar als menselijke behoefte nadat aan alle basisbehoeften is voldaan. In de jaren zeventig was vrijheid een kernbegrip in de Humanistische Psychologie van Carl Rogers en Abraham Maslow. De stroming was vooral gericht op de menselijke ontwikkeling. De daaruit voorgekomen behoeftepiramide van Maslow wordt ook tegenwoordig nog vaak aangehaald. De vrijheid om te doen wat je zelf graag wil is een behoefte waar je pas aan kunt voldoen als de basisbehoeften daaronder zijn vervuld. Zoals de behoefte aan eten, drinken, onderdak, veiligheid, liefde, erkenning. Kort gezegd, wie niet te eten heeft, zal zich minder snel bekommeren om zijn persoonlijke vrijheid. Mensen zijn zelfs bereid om hun vrijheid deels op te geven in ruil voor veiligheid en eten, zo blijkt uit onderzoek.

De vorm van vrijheid die reclamemakers schetsen is de vrijheid waar ieder mens over kan dagdromen. Stel je voor dat je nooit meer naar je werk hoefde, genoeg geld had en genoeg tijd om dat geld uit te geven. Dat het huiswerk, tandartsafspraken, belastingaangiftes en kerst met je schoonouders gewoon niet zou bestaan? Het is die droom over vrijheid die mensen ertoe drijft om naar het buitenland te verhuizen, hun gezin te verlaten of om hun baan op te zeggen. En dat verlangen naar vrijheid zit blijkbaar zo diep, dat mensen massaal meedoen aan loterijen. Het gaat niet om dat tientje dat je af en toe wint, nee het gaat om het idee dat je zomaar de Jackpot kunt winnen en dan in een klap vrij bent van alle verplichtingen die je jezelf hebt opgelegd.

Locus of Control

Het goede nieuws is dat vrijheid ook zonder een overvloed aan geld en vrije tijd in het bereik ligt. Vrijheid is het gevoel dat jij het leven bepaalt. De mate waarin je die vrijheid voelt wordt in de psychologie Locus of Control genoemd (locus is Latijn voor plaats). Wanneer je het idee hebt dat je controle hebt over je eigen leven, dan is er sprake van een interne Locus of Control. Heb je het idee dat je geleefd wordt en je er zelf weinig invloed op hebt, dan heb je een externe Locus of Control.

De Amerikaanse gedragspsycholoog Julian Rotter is de bedenker van deze theorie. Zijn Locus of Control is vrij vertaald de controlekamer van je leven. Zit je zelf achter de knoppen, of lijkt het alsof iemand anders dat voor jou doet? Hoewel het om een geleidende schaal gaat, zijn de meeste mensen in te delen in een van de twee groepen.

Wie een sterke interne locus of control heeft, doet over het algemeen harder zijn best om iets te bereiken in het leven, kan beter omgaan met stress en tegenslag omdat hij erop vertrouwt alles aan te kunnen. En zit het leven even tegen, dan komt hij er sterker uit. Het gevoel dat je invloed hebt op wat er gebeurt geeft een grote mate van vrijheid. Je bent als de jonge wereldreiziger die een rugzak ophangt en op de trein stapt. Je ziet wel wat er gebeurt, maar de wereld is van jou.

Vrijheid is een basisgevoel waar we ons nauwelijks bewust van zijn

Dat gevoel van vrijheid, daar kunnen de mensen met een externe Locus of Control alleen maar van dromen. Een groot deel van de tijd hebben ze het idee dat niet zijzelf, maar de mensen om hen heen bepalen hoe hun leven eruit ziet. Wanneer het in het leven meezit, dan denken ze dat ze geluk hebben, en zit het tegen, dan geven ze anderen daarvan de schuld. Ze richten zich zo op die buitenwereld, dat ze zich er soms door overspoeld voelen. Wie een sterke externe Locus of Control heeft, voelt zich zelden vrij.

Vrijheid zit dus niet in het aantal kinderen, huisdieren en hypotheken waar we zorg voor moeten dragen. Het is een basisgevoel waar we ons nauwelijks bewust van zijn. De mate waarin we controle lijken te hebben over de dingen die we doen, de keuzes die we maken.

In het ergste geval voelt het alsof je op een loopband staat waarvan iemand anders de snelheid bepaalt

Natuurlijk hebben we niet altijd controle over het leven. We worden allemaal ziek, we worden allemaal ouder en we krijgen allemaal te maken met verdriet. Maar je kunt, zo zegt Rotter, wel zelf bepalen hoe je daar mee omgaat.
Mensen met een sterke externe Locus of Control missen het gevoel dat zij zelf veel bijdragen aan het leven. Ze schrijven succes toe aan toevalligheden en de tegenslagen aan pech. Geen wonder dat je elk gevoel van vrijheid mist. In het ergste geval voelt het alsof je op een loopband staat waarvan iemand anders de snelheid bepaalt. Je moet blijven lopen, maar je gaat nergens naartoe. Wie zijn ogen open houdt, ziet dat er op die loopband ook een rode knop zit waar je op kunt drukken om ’m te stoppen.

We dromen van vrijheid, maar we richten ons leven zo in dat we steeds minder vrijheid ervaren. Althans, sommigen van ons. Waarom is dat? Vrijheid is een kwestie van de juiste keuzes maken. Je kunt er voor kiezen om geen kinderen te krijgen, om geen tophypotheek te nemen of om geen baan te zoeken waarbij je tachtig uur per week werkt. Maar die keuze betekent niet direct dat je ook meer vrijheid geniet.

In het boek Helemaal Vrij! Beschrijft politicoloog Gerhard Hormann hoe hij binnen vijf jaar de helft van zijn hypotheek wist af te lossen en daarna ontdekte dat hij ook makkelijk met de helft van zijn inkomen kon rondkomen. En niet omdat hij onmetelijk rijk was, maar omdat hij meer geld overhield als hij het niet aan overbodige spullen uitgaf. Lezers volgden hem in zijn streven om hypotheekvrij te worden, maar ontdekten soms, zo schrijft hij, dat er alleen tijd voor leuke dingen zou komen als ze eerst fanatiek gingen sparen en aflossen. En juist dat harde werken en sober leven stond die leuke dingen in de weg. ‘Zo stuiten we op een Gordiaanse knoop, die je alleen uit de knoop kunt krijgen door resoluut een paar knopen te hakken.’

Een vriendin met een groot en goedlopend eigen bedrijf besloot van de ene op de andere dag haar bedrijf op te heffen. Als verklaring voor haar eigenzinnige stap gaf ze dat ze ooit had overwogen om kinderen te nemen. ‘En als dat niet zou lukken,’ zo zei ze, ‘dan zou ze groots en meeslepend gaan leven en heel veel gaan reizen.’ De kinderen waren er niet gekomen, maar het reizen speelde zich vooral in de file af op weg naar haar werk. ‘En nu heb ik het allebei niet,’ zei ze. ‘Geen gezin, maar ook niet het avontuur dat ervoor in de plaats moest komen.’

Wie vrij wil zijn, moet keuzes maken. En juist keuzes maken is wat veel mensen moeilijk vinden. You can’t have your cake and eat it, zeggen de Engelsen. Wie vrij wil zijn, zal altijd iets anders moeten opgeven, of het nu een nieuwe auto is of een groter huis. Wie niets verlangt is pas echt vrij.

Wie echt vrij wil zijn, hoeft dus niet te wachten tot hij de loterij wint. Of tot de pensioendatum en we eindelijk aan ons zorgeloze Zwitserleven kunnen beginnen. Je vrij voelen betekent keuzes maken en je realiseren dat je die keuze hebt. Zo lang je maar ziet dat er een rode stopknop op die loopband zit en dat jij degene bent die erop kan drukken. Dat is vrijheid.

Meer lezen

Flexwerken is vrijheid blijheid, totdat je een hypotheek nodig hebt.