Zo zorg je er nou voor dat je verhaal blijft hangen

Lisanne de Vaan 2 jul 2017 Mind

Stel je hebt een presentatie binnen je bedrijf. Of je hebt op een feestje iemand ontmoet en je wilt deze persoon vertellen over de onderneming die je zojuist bent begonnen. Enthousiast ga je van start, maar na een paar minuten merk je dat je gesprekspartner (of publiek) is afgehaakt. Waar ligt dit aan? En vooral: hoe pak je het in de toekomst anders aan?

We vroegen het Katinka Toet, sprekerscoach bij Great Communicators.

“Wij noemen onszelf bij Great Communicators ook wel verhalenbevrijders”, vertelt Katinka. “Wat dat inhoudt is dat we mensen helpen bij het ontdekken, schrijven en vertellen van hun eigen verhaal. We kijken niet alleen maar naar het verhaal zelf en naar de performance (wat je moet doen met je armen en je stem) maar ook naar de diepere lagen. Hoe denk je eigenlijk over je verhaal? En hoe denk je over jezelf? We geloven niet zo in trucjes, maar kijken veel meer naar hoe je de beste versie van jezelf kunt worden.

We zitten heel erg op authenticiteit. Ook omdat we geloven dat het beste verhaal het authentieke verhaal is. Mensen voelen het wanneer je een verhaal vertelt waar je niet helemaal achter staat, of dat eigenlijk niet jouw verhaal is. En dan is het ook niet meer geloofwaardig. Dus wat we doen, is dat we de binnen- en buitenkant koppelen. Als de buitenste laag klopt met de binnenste laag, oftewel de kern, dan voelen mensen dat. En dan gaat het ook stromen en maak je impact.”

Hoe blijft je verhaal plakken?

Voordat je je verhaal gaat verspreiden is het dus belangrijk om je authentieke verhaal te ontdekken. Maar wat dan? Je verhaal heb je klaar. Hoe zorg je er nou voor dat het ook écht blijft hangen bij mensen, en niet het ene oor ingaat en het andere er weer uit? Katinka licht drie wetten toe, die ervoor zorgen dat je verhaal blijft hangen.

“Het eerste waar je goed over moet nadenken is: wat is nou echt datgene dat ik wil dat mensen onthouden na aanleiding van mijn verhaal? Beperk je echt tot de kern. Het werkt niet om je publiek te overladen met allemaal kennis, want je kunt die kennis niet in het hoofd van iemand stoppen. Mensen zijn fysiologisch beperkt. Vaak kunnen we met ons kortetermijngeheugen maar maximaal zeven dingen onthouden. Zorg dus dat datgene wat je écht belangrijk vindt op de bühne komt. En werk als het ware van achter naar voren. Dat betekent dat je eerst nagaat welke gedachte of kernboodschap moet blijven hangen. Hierna ga je pas je presentatie opbouwen, waarbij je die kernboodschap als leidraad gebruikt.”

Gevoel of emotie werkt als een soort superlijm

Waar je ook op moet letten, zegt Katinka, is of je verhaal wel aansluit bij het niveau van je publiek. “Op het moment dat jij veel weet van een onderwerp ben je heel snel geneigd om te vertellen op jouw niveau. Alsof je publiek evenveel weet als jij. En daar gaat het eigenlijk gelijk al mis. Je bent als het ware een soort gids voor je publiek. Je moet ze echt aan de hand meenemen en stap voor stap leiden naar jouw eindbestemming. Dus het idee is ook dat je je verhaal opbouwt, en dat je begint met wat het publiek al weet. Niet gelijk op het niveau van wat jij allemaal al weet.”

Emotie als superlijm

Een tweede wet van Sticky Stories (een van de trainingen die bij Great Communicators wordt aangeboden) is dat je heel goed moet nadenken over het gevoel dat je wilt overbrengen met je verhaal. “Gevoel of emotie werkt als een soort superlijm,” vertelt Katinka. “Kijk maar naar alle leraren die je op de middelbare school hebt gehad. Vaak weet je niet meer precies wat ze hebben gezegd, maar weet je nog wel wat voor gevoel je bij iemand had. Dus het is heel belangrijk om daar ook over na te denken. Hoe wil ik eigenlijk dat mijn publiek weggaat? Wil ik dat ze geïnspireerd zijn? Wil ik dat ze energie krijgen van mijn verhaal? Of plezier?

Als je dat weet ga je ook kijken waar dat plezier bij jou zit. Vraag jezelf af: wat vind ik zelf eigenlijk leuk of interessant aan mij verhaal? Wat maakt dit de moeite waard om te delen? Probeer echt te voelen wat je zegt. Op het moment dat je voelt wat je zegt dan krijgt je verhaal ook veel meer emotionele lading. En daarmee maak je natuurlijk veel meer impact.”

Als je alles alleen maar afratelt had je net zo goed een handout op kunnen sturen

Bij een een-op-een gesprek werkt het net zo, vertelt Katinka. “Ook bij een persoonlijk gesprek moet je heel goed nadenken over dit soort vragen. Vraag jezelf af: als dit gesprek zo afgelopen is, wat wil ik dan eigenlijk bereiken? Wat wil ik dan dat die ander gaat doen, of juist laat? En welke gedachten wil ik hem meegeven?

Wat wel een belangrijk verschil is tussen een conversatie en een presentatie, is dat je bij een persoonlijk gesprek veel makkelijk kunt aansluiten bij de ander. Je hebt als het ware maar één iemand die je moet lezen; ook qua non-verbale communicatie. Bij een presentatie heb je vaak te maken met een divers publiek, waardoor het moeilijker is om aansluiting te vinden.”

De dialoog aangaan

Wat ook lastiger is bij een groot publiek dan bij een conversatie, is de interactie aangaan. Maar dat is wél belangrijk (en daarom ook de derde wet). “Je moet ervoor waken dat het geen eenrichtingsverkeer wordt en je alleen maar aan het zenden bent,” vertelt Katinka. “Ook bij een grote groep is het belangrijk dat je zorgt voor een dialoog en interactie. Want uiteindelijk sta je daar voor hén. En als je alles alleen maar afratelt had je net zo goed een handout op kunnen sturen.

Oefen je verhaal hardop, time jezelf en schrap alle onnodige dingen, die niet bijdragen aan je kernboodschap

Tegelijkertijd is het bij een groot publiek veel belangrijker om te bepalen welke vraag je dan stelt. Een hele open vraag is bijvoorbeeld best lastig bij een groot publiek, omdat er dan veel verschillende meningen komen. Maar je kunt wel beginnen met een gesloten vraag als ‘wie herkent dit’? Door zelf je hand op te steken impliceer je eigenlijk dat je publiek mee moet doen. Bij een conversatie kun je wel gewoon een open vraag stellen. Hiermee krijg je ook veel meer betrokkenheid. En dat is natuurlijk het hele idee.”

Dus heb je binnenkort een presentatie, een sollicitatiegesprek, een pitch, of een ander soort gesprek? Zolang je je aan de drie wetten houdt zal je verhaal een stuk beter blijven plakken. En voor het geval je de helft van de info uit dit artikel alweer vergeten bent, bij deze nog een snelle recap:

  1. beperk je tot de kern van je verhaal. Wat daarbij helpt is dat je van achter naar voren werkt.
  2. wees je bewust van het gevoel dat je overbrengt met je verhaal. Zorg er dus ook voor dat je een verhaal vertelt waar jij echt achter staat en enthousiast over bent. Wat daarbij helpt is dat je haakjes zoekt waar jij zelf op aangaat.
  3. zorg dat het geen eenrichtingsverkeer is. Zoek de interactie op, maar houd wel de regie in handen.

Katinka sluit af: “Als je bovenstaande tips toepast, zul je zien dat je verhaal beter blijft hangen bij het publiek. Het enige wat je nu nog te doen staat, is hardop oefenen. Oefen je verhaal hardop, time jezelf en schrap alle onnodige dingen, die niet bijdragen aan je kernboodschap. Oefen dan nog een keer en nog een keer. Want op het moment dat je goed weet wat je wilt zeggen, kun je je concentreren op de betekenis van wat je zegt en maak je nog meer impact.”

Wil je graag groeien als public speaker en communicator? Bij Great Communicators zijn er ieder jaar meerdere opleidingstrajecten die je kunt volgen. Voor het complete aanbod van aankomende workshops en opleidingen kijk je hier.

Meer lezen?

De kracht van visualisatie: hoe het je lichaam en geest kan helpen genezen.

Niets meer missen van Bedrock?

Like hier onze Facebook-pagina en blijf up to date. Of schrijf je in voor de Bedrock-nieuwsbrief.

Reageer op artikel:
Zo zorg je er nou voor dat je verhaal blijft hangen
Sluiten