Rosa Bertram
Rosa Bertram Relatie vandaag, 
Leestijd: 8 minuten

Relatiepsycholoog na 30 jaar ervaring: ‘Honderd ruzies, maar vaak zit er maar één patroon onder’

De ene ruzie gaat over de vaatwasser, de volgende over te laat thuiskomen. Toch ziet relatiepsycholoog Anne de Jong na dertig jaar werken met stellen vaak hetzelfde gebeuren: verschillende ruzies komen voort uit één terugkerend patroon.

De Jong: “Liefde is niet alleen een kwestie van geluk hebben of de ware tegenkomen. Het is een vaardigheid die we allemaal kunnen leren.”

In haar nieuwe boek Diepe liefde laat ze zien hoe relaties zich ontwikkelen van verliefdheid naar duurzame liefde en waarom sommige koppels onderweg vastlopen. We spraken haar over de grootste lessen uit haar dertigjarige carrière.

Het patroon onder ruzies in de liefde

Je stelt dat bijna iedere relatie die strandt, gered had kunnen worden. Wat bedoel je daarmee?

“Ik bedoel niet dat elk stel bij elkaar moet blijven. Wat ik in mijn praktijk zie, is dat stellen zelden uit elkaar gaan omdat ze niet bij elkaar passen. Ze gaan uit elkaar, omdat ze jarenlang dezelfde botsing hebben gehad zonder ooit te begrijpen wat eronder zat. Ik heb stellen tegenover me gehad die vijfentwintig jaar samen waren, en als we gingen uitpluizen waar het misging, bleek hun interactie al in het tweede jaar te zijn ontstaan. Vijfentwintig jaar ruzie over de inhoud. Honderd ruzies, één patroon. Ze wisten niet eens dat er een uitweg was. Dat is het pijnlijkste wat ik tegenkom, want dat patroon is ook na vijfentwintig jaar nog te doorbreken.”

Wanneer geldt dat niet en kan een relatie niet meer gered worden?

“Er zijn situaties waarvoor dit niet opgaat. Bij geweld of intimidatie is dit niet het verhaal. Datzelfde geldt als er een verslaving speelt die niet behandeld wordt, of als er een affaire doorloopt terwijl er hulp wordt gezocht. Daar is eerst iets anders nodig dan relatiegesprekken. En het geldt ook niet voor stellen die alles hebben gedaan wat ze konden, die hun patroon kennen en van elkaar snappen waar het vandaan komt, en dan toch tot de conclusie komen dat ze niet meer willen. Dat gebeurt. Blijven terwijl je weet dat je er niet meer voor kiest, is een vorm van wachten, en wachten vreet aan jullie allebei. Het verschil is dat je dan uit elkaar gaat met begrip in plaats van met verwijten.”

Je schrijft dat iedere relatie vier fases doorloopt, van verliefdheid naar diepe liefde. In welke fase lopen stellen het vaakst vast?

“Het begint met verliefdheid. Je ziet de ander niet zoals die is, maar zoals jij wilt dat die is. Dat is geen inschattingsfout, dat is biologie. Verliefdheidshormonen filteren alles weg wat niet past bij het plaatje. Daarna komt de ontnuchtering. De roes zakt, je begint de verschillen te zien, en de eigenschappen waar je eerst zo door werd aangetrokken worden ineens het bewijs dat het niet gaat werken. In de derde fase, de verdieping, stop je met zoeken naar wat er mis is met de ander en ga je je afvragen wat er tussen jullie gebeurt en wat jouw aandeel daarin is. Dat is de meest kwetsbare fase, want je moet jezelf laten zien. En dan is er diepe liefde. Dat is de fase waarin je accepteert dat je de ander met al zijn eigenaardigheden niet kunt veranderen, en je er zelfs de lol van kunt inzien.

Vastlopen doen stellen bijna altijd in fase twee en fase drie, waar je niet het hele pakket accepteert. Sommigen blijven daar tientallen jaren hangen. Bij de een gaat dat met eindeloos kibbelen, bij de ander met stilte, omdat ze allebei een andere kant op zijn gaan leven en hebben besloten dat de ander nu eenmaal zo is. Vanbuiten ziet dat er totaal verschillend uit, maar eronder zit hetzelfde: je ziet je partner niet meer echt.

Wat mensen niet verwachten, is dat het overslaan van fase twee net zo riskant is. Ik noem dat de mooiweerfase vier. Stellen die conflicten vermijden en jarenlang denken dat ze het geweldig hebben, totdat er iets gebeurt. De overgang, een ziekte, ontslag, problemen met de kinderen. Dan storten ze in, want ze hebben nooit geleerd ruzie te maken. Zij vallen niet terug naar fase twee; ze belanden er voor het eerst.”

Waarom blijven partners precies dezelfde ruzie voeren, terwijl ze allebei weten dat die nergens toe leidt?

“Omdat de ruzie niet gaat over waar hij over gaat. Vandaag gaat hij over te laat komen, over drie weken over de afwasmachine. Het onderwerp wisselt, de beweging eronder blijft hetzelfde. De een wordt fel, de ander trekt zich terug, en die twee reacties houden elkaar in stand. Mensen noemen dat miscommunicatie. Het is een interactie die jullie samen hebben gebouwd zonder het te willen.

Maar de belangrijkste reden dat het blijft terugkomen, is wat er ná de ruzie gebeurt. Op een gegeven moment zijn jullie allebei weer rustig. Er wordt sorry gezegd, misschien worden er bloemen gekocht, misschien vrijen jullie, en je denkt: ik weet niet eens meer waar het over ging. En dan gaan jullie verder. Daar gaat het mis. Als je niet samen terugkijkt naar wat er vanbinnen gebeurde, welke angst werd aangewakkerd, welke oude pijn opborrelde, dan ontstaat er slib. De onderliggende oorzaak wordt steeds gevoeliger, waardoor de ruzies steeds sneller terugkomen. Dat is wat de meeste stellen doen. Ze zijn opgelucht dat de lieve vrede terug is, en precies daardoor komt het over drie weken opnieuw.

Ik noem het gesprek dat dat doorbreekt het terugkijkgesprek. Niet uitpraten, want uitpraten gaat over wie wat zei en wie gelijk had. Terugkijken doe je een dag of een paar dagen later, in rust, naast elkaar in plaats van tegenover elkaar. Ray en ik pakken er soms letterlijk een vel papier bij en tekenen wat er gebeurde. Ik heb er trouwens altijd weerstand tegen. Elke keer. Het voelt soft en overdreven om er weer op terug te komen. Bij Ray is dat niet anders, en ik zie het bij alle stellen die ik begeleid. Niemand heeft zin om nog een keer door die modder te waden.”

Hoe ziet dat gebrek aan nieuwsgierigheid er in het dagelijks leven uit?

“Het ziet er onschuldig uit. Er wordt een telefoon omhooggehouden om iets te laten zien en de ander kijkt niet op. Of er wordt iets verteld over een collega, en het antwoord is een ‘hmm’ terwijl de afwasmachine wordt uitgeruimd. Uit onderzoek weten we dat bij stellen die het fijn hebben samen ongeveer 86 procent van dat soort kleine contactpogingen wordt beantwoord. Bij stellen die uit elkaar groeien is dat rond de 33 procent. Eén keer niet opkijken voel je nauwelijks. Maar het stapelt zich op.

In mijn boek beschrijf ik Marcus, die de hele dag had zitten wachten om Daniela een filmpje te laten zien dat hij op zijn werk had gemaakt. Hij kwam thuis, zocht haar op in de keuken, hield zijn telefoon omhoog. Zij keek niet op. Niet nu, ik ben bezig. Hij stopte zijn telefoon weg en zette de tv aan. Een week later had Daniela haar haar drie tinten lichter geverfd en merkte Marcus het niet.

Wat mij opvalt bij stellen die twintig jaar samen zijn, is dat ze een verouderd beeld van elkaar hebben. Ze antwoorden voor de ander. Ze weten precies wat hun partner ervan zou vinden en waar die bang voor is, alleen komt dat beeld uit een ander decennium. Mensen veranderen, hun waarden verschuiven, hun behoeften verschuiven.

Nieuwsgierig worden begint dus met de aanname loslaten dat je het al weet. Dat is heel praktisch te doen. Stel je partner een vraag waarvan je het antwoord niet kent. Niet: ‘Hoe was je dag?’, want daar krijg je een verslag van. Vraag waar je partner de laatste tijd wakker van ligt, of wat het moeilijkste was aan het afgelopen jaar. En stel daarna nog één vraag, want het eerste antwoord is zelden het echte verhaal. Daaronder zit nog een laag, en daaronder nog een.”

Veel mensen worden tijdens een moeilijk gesprek boos, schieten in de verdediging of klappen juist helemaal dicht. Wat kunnen zij op zo’n moment concreet doen?

“Om te beginnen: niet doorgaan. Als je merkt dat je harder gaat praten, of dat je dichtklapt en niet meer weet wat je voelt, dan is dat je signaal om te stoppen. In die staat kun je niet helder vertellen en kan de ander niet echt luisteren. Zeg dan iets als: ik merk dat ik in mijn reflex zit, ik wil dit graag goed doen, kunnen we hier over een uur op terugkomen? Noem er een tijdstip bij, anders voelt het voor je partner als weglopen.

En dan het belangrijkste, wat ik ondertitelen noem. Je zegt hardop wat er vanbinnen gebeurt op het moment dat het gebeurt. Er komt een neiging op om uit te halen met: jij luistert ook nooit. Ondertitel dat met: je pakte je telefoon, ik voelde me niet gehoord, en toen ging ik kattig doen. Wil je weglopen, zeg dan hardop dat je weg wilt en dat je tien minuten nodig hebt. En als ‘sorry’ alweer opkomt om de sfeer te redden: ‘Ik merk dat ik sorry wil zeggen om het glad te strijken, maar ik ben nog niet oké’.

Wat er dan gebeurt, is dat je rare gedrag ineens begrijpelijk wordt. Je bent interessant in plaats van lastig. Ray weet inmiddels dat als ik koud word, ik me alleen voel, en dat als ik bozig word, ik de controle kwijt ben. Hij hoeft mijn ondertiteling niet meer te horen om haar te kennen. Hij wordt niet blij van de koude Anne, maar hij ziet wat eronder zit, en daardoor voelt de liefde echt. Hij houdt niet van een gecensureerde versie van mij.”

Op zoek naar de liefde? Dit zijn BEDROCK’s favoriete datingapps die het nét anders aanpakken.

Op zoek naar liefde? Dit kan je volgens de wetenschap juist tegenwerken

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Rosa Bertram
Geschreven door Rosa Bertram

Rosa Bertram is oud-hoofdredacteur van BEDROCK, auteur van ‘De magie van reizen’ én journalist op het gebied van bewust leven. Voor BEDROCK schrijft ze over persoonlijke groei, duurzaamheid, gezondheid en (bewust) reizen. Vaak doet ze dat vanuit haar off grid tiny house waar ze zich laat inspireren voor mooie verhalen in de natuur.