Keuzestress is een modewoord geworden, of is het meer dan dat?

Tom Hofland 13 mei 2017 Mind

Een bijna leeg café op een zonnige dag. Twee grote, besnorde mannen van een jaar of zestig zitten tegenover elkaar aan tafel. De ober komt naar hun tafeltje en één van de mannen, met de walrussnor, vraagt hem wat ze op de tap hebben. Er volgt een waslijst van blonde, witte, donkere, zure, hoppige en ziltige bieren uit alle windrichtingen, gerookt, gefilterd en niet gepasteuriseerd. De walrussnor brengt zijn handen naar zijn hoofd. ‘Aaah! Keuzestress!’

De mannen bulderen het uit van het lachen. De ober lacht schaapachtig mee. ‘Doe maar een pilsje’ besluiten de mannen vervolgens uiterst serieus.

Keuzestress is een modewoord geworden. Waar het eerst nog gewoon lastig kiezen was welke smaak ijs je wilde bij de ijskraam roepen we nu, min of meer gekscherend, ‘keuzestress!’

Maar is keuzestress niet meer dan dat, een modewoord, of is het daadwerkelijk een nieuw en ingrijpend fenomeen?

Op internet vond ik een onderzoeksnotitie van de Amsterdam University Press waarin de volgende vraag wordt gesteld:

“In de media en de sociologie wordt steeds vaker de indruk gewekt dat hedendaagse individuen aan stress en frustratie ten onder gaan vanwege hun schijnbaar onbeperkte keuzevrijheid. Maar is dat zo?

Op dit terrein is veel geschreven, maar weinig empirisch onderzocht. Daarom exploreren wij in deze onderzoeksnotitie hoe mensen met de ‘als een olievlek’ verspreide keuzevrijheid omgaan en of, hoe en wanneer dit keuzestress tot gevolg heeft.”

De onderzoekers deden diepte-interviews met 30 studenten om erachter te komen of en zo ja, wanneer ze last hadden van stressgevoelens bij het maken van een keuze.

“Susan heeft zulke ervaringen bij haar dagelijkse inkopen: ‘Soms denk ik “moet dat nou allemaal zo veel en onoverzichtelijk?” Vooral als ik in een supermarkt rondloop, dan zie ik echt soms door de bomen het bos niet meer.’ Dergelijke ervaringen zijn echter eerder uitzondering dan regel. De overgrote meerderheid van de respondenten heeft bij de meeste van zijn of haar keuzes geen last van stress. Zij blijken keuzestress op drie manieren te voorkomen of op zijn minst sterk te kunnen temperen.”

De onderzoekers stellen dat de meerderheid van hun proefpersonen bij de meeste van zijn of haar keuzes geen last hebben van stress, maar dat ze die stress op drie manieren de kop in weten te drukken. Hier volgen ze:

Kiezen om niet te kiezen

Bij een overdaad aan keuzes kiest een groot gedeelte van de ondervraagde studenten er voor om dan maar geen keuze te maken: “Onze respondenten blijken er gewoonweg voor te kiezen om niet te kiezen. Keuzes die als onbelangrijk worden beschouwd, zoals een ziektekostenverzekering of energieleverancier, worden uit de weg gegaan: men blijft gewoon bij de verzekeraar die men al heeft. Men kiest voor de optie die ‘goed genoeg’ is. Als men een acceptabele optie heeft gevonden overweegt men geen alternatieven meer’.

Sociale steun

Zodra een keuze wel als belangrijk wordt gezien willen de ondervraagden wel graag een weloverwogen keuze maken. Dit kan de keuzestress verhogen, maar internet en een sociaal netwerk bieden hulp:

Af en toe maakt men gebruik van informatie op het internet. Maar ook in dit geval worden niet alle mogelijke alternatieven tegen elkaar afgewogen: men tracht overzicht te scheppen en bezoekt slechts één of twee sites
omdat de complexiteit anders te groot zou worden. Dit is echter bijna nooit afdoende; belangrijker is de steun die men ontvangt van vrienden, kennissen en familieleden die eerder een vergelijkbare keuze hebben moeten maken.

Zo geeft Marc aan dat hij vertrouwt op het oordeel van zijn vrienden bij de voor hem belangrijke keuze voor een telefoonabonnement: ‘Ik wil kwaliteit maar wel voor de beste prijs. Hierbij laat ik me vooral leiden door wat ik om mij heen hoor. Als vrienden van mij zeggen dat ze met [aanbieder X] soms slecht bereikbaar zijn dan is dit voor mij een teken dat ik de volgende keer dat ik mijn nieuwe abonnement uitzoek [niet voor deze aanbieder] moet kiezen.’

Leefstijl

Bij de bovenste twee methodes gaat het om puur praktische zaken. “Andere keuzes worden door de respondenten echter verbonden met de wijze waarop zij in het leven staan en naar zichzelf kijken. Die keuzes zeggen, nmet andere woorden, iets over hun identiteit en worden daardoor ervaren als belangrijk en betekenisvol.”

Dit kan bijvoorbeeld een keuze zijn over welke kleding je draagt, naar welke muziek je luistert en waar je naartoe op vakantie gaat. Opvallend is dat bij deze keuzes juist niet om advies wordt gevraagd in de sociale kringen van de studenten. Originaliteit en een ‘eigen keuze maken’ lijken belangrijk te zijn als het om zaken gaat die met de eigen identiteit te maken hebben.

De studenten geven aan zelf de keuze te willen maken en dat anderen niet kunnen bepalen wat bij hen past. Keuzestress lijkt daarbij niet aan de orde te zijn om twee redenen.

1. De meeste hebben een sterke eigen voorkeur. Ze willen bijvoorbeeld een strandvakantie en lopen dus niet alle opties van culturele vakanties af omdat dat niet ‘bij hen past’, de keuzes aanzienlijk beperkend.

2. Een keuze die met de eigen identiteit te maken heeft wordt vaak als leuk ervaren. Zo vinden de meeste ondervraagde studenten het leuk om over hun kleding of vakantiekeuze na te denken.

De bepaalde leefstijl die je aanhangt (je houdt wel of niet van strandvakanties) zorgt er dus voor dat je minder keuze hebt en de keuzestress wordt verminderd.

Maar zijn die keuzes vanuit leefstijl nu echt zo ‘origineel en authentiek’ als ze ervaren worden? Worden die keuzes echt ‘vanuit het innerlijke kompas’ gemaakt?

Bij nadere beschouwing lijkt dit niet het geval. Hoewel onze respondenten niet nalaten om hun authenticiteit te benadrukken, zijn hun voor- en afkeuren opvallend groepsgebonden. Er lijkt een duidelijke maar vrijwel niet
uitgesproken behoefte te bestaan om keuzes te maken die – zoals de respondenten het zelf verwoorden – passen bij ‘hun soort mensen’. Hoewel hun handelen aansluit bij dat van de overige leden van hun ‘leefstijlgroep’ hameren
de respondenten erop dat hun keuzes ‘de allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie’ zijn.

Het lijkt, aldus dit kleinschalige onderzoek, al met al wel mee te vallen met de keuzestress die ons landje als een vloedgolf overspoelt. Maar uiteindelijk zal er meer onderzoek nodig zijn om ons echt te kunnen vertellen wat de gevolgen zijn van de vele keuzes die we kunnen én mogen maken. Onthoud in de tussentijd het volgende citaat van schrijver Julian Barnes: ‘We nemen een besluit, als het goed uitpakt noemen we het naderhand een wijs besluit.’

Meer lezen

Beter kiezen: hoe doe je dat en wat levert het je op?

Reageer op artikel:
Keuzestress is een modewoord geworden, of is het meer dan dat?
Sluiten