Hoe het écht is om naar de Acute Deeltijdbehandeling te moeten (van iemand die er zat)

Bregtje Knaap 17 jan 2017 Mind

Elke dag moest ik nu naar de ADB. En elke dag weer ervoer ik het als een marteling om mijn bed uit te komen en erheen te gaan, om vervolgens het programma maar uit te zitten tot ik weer weg mocht.

Het programma op de ADB zag er ongeveer als volgt uit: De dag begon met de inloop, met thee en koffie en een droog biskwietje. Als iedereen er zo tegen half tien was en zat, volgde de dagopening. ‘Dagopening’. Dat woord zou ik nog heel veel horen.

De dagopening bestond uit een kort gespreksrondje langs alle aanwezigen, waarin je geacht werd kort wat te vertellen over wat je activiteiten van gisteren (‘Tv gekeken’, ‘Op de bank gelegen’, ‘Mijn bed in gedoken’, ‘Nergens zin in’ en een enkeling: ‘Boodschappen gedaan en gekookt’) en hoe je je vandaag voelde toen je opstond (‘Nog hetzelfde’, ‘Verschrikkelijk moe’, ‘Niet zo goed’, ‘Gaat wel’, ‘Heel duizelig van mijn medicatie’) voor je naar de ADB kwam.

Daarna volgde ofwel een blok creatieve therapie en werd er onder begeleiding van een therapeut – twee dames die elkaar afwisselden en doorgaans allebei het hele blok voornamelijk druk waren met hun eigen haakwerkjes – groepsgewijs gehandenarbeid. Timmeren, boetseren, breien, haken, in de weer met naald en draad, tekenen of schilderen. Maar vooral: kleurplaten kleuren.

Daar had je die kleurplaten weer. Wederom werd mij verzekerd, dat kleuren de hersenen rust gaf en heel ontspannend werkte bij mensen met ernstige depressies. Dus vooruit, zuchtend pakte ik dan maar weer een gekopieerd A4-tje met een psychedelisch bloemenpatroon en een stel potloden. Na de lunch, die je zelf mee moest nemen (dat regelde mijn moeder), behalve op de woensdag, want dan was het samen pannenkoeken bakken, ging het programma in de middag weer verder.

Het basale niveau van de training ergerde me

Met een blok sport in de inpandige gymzaal of een blok sociale vaardigheidstraining, of op de vrijdagen bij mooi weer een groepswandeling. De sport bestond uit samen zaalvoetballen, volleyballen of badmintonnen. Vooral dat laatste was populair. In wisselende tweetallen werd er tegen elkaar gebadmintond. Ik moest, met grote tegenzin, ook meedoen.

Een paar keer kon ik duizeligheid door de medicatie veinzen en aan de kant blijven zitten. Belandde ik onverhoopt toch op het speelveld, dan probeerde ik te badmintonnen zonder te bewegen. Dus: staand op één plek de shuttle proberen te raken. Soort van. De begeleiders juichten en applaudisseerden enthousiast voor elke shuttle die een racket raakte.

[pullquote]Na anderhalve week had ik er alweer schoon genoeg van[/pullquote]

In een blok sociale vaardigheidstraining gingen we werken aan onze social skills, aan de hand van een stel gekopieerde geplastificeerde kaartjes met moeilijke situaties en oefeningen. Bij de nabespreking van de uitgevoerde rollenspellen, gaven de begeleiders adviezen als: ‘wanneer je met iemand praat, is het heel belangrijk om oogcontact te maken’ en ‘laat via je lichaamstaal zien dat je geïnteresseerd bent in het gesprek’. Zucht. Het basale niveau van de training ergerde me. Misschien hadden anderen hier iets aan, ik niet. Die beduimelde kaartjes waar mee gewerkt werd, stamden uit 2001. Dat stond erop. F*cking twee-duizend-één. Hallo! Maar als ik gewoon deed of ik meedeed, ging de tijd vanzelf voorbij.

Na een aansluitende koffiepauze werd de dag besloten met het invullen en bespreken van ieders dagschema (standaard scheef gekopieerd op een dun A4-tje) en een afsluitrondje. En zo regen de dagen zich aaneen. Na anderhalve week had ik er alweer schoon genoeg van. Toen mijn moeder me die woensdagochtend mijn bed uit kwam halen, zei ik: ‘Nee. Ik ga niet meer naar die ADB. No way. Echt niet.’

Meer lezen

Hoe mijn depressie leidde tot zelfverwaarlozing.

Niets meer missen van Bedrock?

Like hier onze Facebook-pagina en blijf up to date. Of schrijf je in voor de Bedrock-nieuwsbrief.

Reageer op artikel:
Hoe het écht is om naar de Acute Deeltijdbehandeling te moeten (van iemand die er zat)
Sluiten