Het probleem van gezellige vleeswaren (met een berengezichtje)

Tom Hofland 29 mrt 2018 Mind

In mijn kindertijd dacht ik niet na over wat ik at. Als het maar geen groente was, vond ik het prima. Ik herinner me de boterhamworst met een berengezichtje. Die at ik bijna dagelijks tussen twee casino-witte boterhammetjes tijdens de lunch en ik smulde ervan.

Het idee van versierd vlees is helemaal niet nieuw. Al begin 20e eeuw experimenteerden slagers met ‘vleesmozaïek’ om hun waren een iets esthetischer karakter te geven. Op zich begrijp ik de commerciële behoefte om de vleeswaren een ‘aantrekkelijk’ uiterlijk te geven. De frikandel en de mexicano hebben ook weinig meer weg van hun originele vleespap vorm en geef de fabrikanten eens ongelijk.

Dit heeft wel tot gevolg dat we steeds meer en meer vervreemden van ons eten: een trend die al lang aan de gang is en ook zeker niet minder lijkt te worden.

Vlees moet gezellig zijn, misschien een beetje stoer en vooral niets met de dood te maken hebben

Bij de vleesafdeling van de Albert Heijn geen varkenssnuiten en koeienogen. Vlees mag er als alles uitzien, behalve als het onderdeel van een dierenlichaam. Er wordt vanuit vele hoeken een beroep gedaan op Nederlanders om hun vleesconsumptie te minderen. Tegelijkertijd proberen fabrikanten vlees er zo ‘onvleselijk’ mogelijk uit te laten zien. De associatie ‘levend dier en vlees’ wordt zo klein mogelijk gemaakt zodat wij ons niet al te schuldig gaan voelen. Vlees moet gezellig zijn, misschien een beetje stoer en vooral niets met de dood te maken hebben.

Het moge duidelijk zijn dat we collectief bewuster moeten worden over waar onze vleesproducten vandaan komen. Dit begint al bij het voedsel van onze kinderen: als wij ze glimlachende vleeslapjes op brood geven, hoe gaan zij dan leren dat een varken geslacht moet worden voor ze op je bord belandt? Groenten worden vaak nog in redelijk pure vorm geserveerd: het is voor een kind makkelijk te begrijpen dat een prei uit de grond wordt gestoken, of een appel aan de boom groeit. Maar leg op een kinderfeestje maar eens uit hoe het komt dat wat eerst een koe was, nu een krokante kroket is.

[pullquote]Zodra we oog in oog staan met het dier dat we opeten, kiest een groot deel van ons toch liever voor een vegetarisch alternatief[/pullquote]

Wat heeft de bitterbal qua uiterlijk nog te maken met het bloedende dier in het slachthuis? We weten allemaal wel dát het vlees is, maar de vorm ervan is zo gezellig gemaakt dat we het onderbewust niet meer als onderdeel van een dier zien maar puur als product. Alsof de bitterballetjes aan de bomen groeien en de boterhamworst als een pannenkoek wordt gebakken.

Wie niet in een sociale omgeving leeft waar bewust met vleesconsumptie wordt omgegaan beseft zich vaak niet eens hoeveel vlees hij of zij eet. Ook deze mensen zien de verschrikkelijke beelden van de slachthuizen en mega stallen, maar zodra de worsten met een gebrandmerkte Bob de Bouwer in de schappen liggen is de vervreemding compleet.

Vergeet niet Bedrock’s Facebook-pagina te liken, zodat je nooit meer iets mist.

Een tijd geleden vertelde een goede vriend mij het idee om voortaan alleen nog maar levende dieren te verkopen aan mensen. Die mochten ze dan zelf slachten, maar voorverpakt vlees zou verboden zijn.

Een onwerkelijk idee misschien, maar ik snapte zijn punt volkomen: zodra we oog in oog staan met het dier dat we opeten, kiest een groot deel van ons toch liever voor een vegetarisch alternatief.

Als we de manier waarop we naar onze vleesconsumptie kijken willen veranderen zullen we de fabrikanten op één of andere manier zo ver moeten krijgen het vlees niet meer zo ver door te bewerken dat we het niet meer herkennen. De echte vleesliefhebber zal niet afschrikken van een varkenskop in de etalage, maar de onbewuste gebruiker zal wellicht wél twee keer nadenken voordat de boterhamworst gedachteloos in het mandje wordt gemikt.

Meer lezen

Hoe zeg je dat je vegetariër of veganist bent?

Reageer op artikel:
Het probleem van gezellige vleeswaren (met een berengezichtje)
Sluiten