We hebben het beter dan ooit (zonder het te realiseren)

Vroeger was iedereen vies, arm en ziek

Wanneer je de gemiddelde krant openslaat, word je ervan overtuigd dat er vooral ellende in de wereld is. Zeker door online en social media komen oorlogen en natuurrampen steeds dichterbij. Toch hebben we het beter dan ooit. Tijd voor een tegengeluid.

Vandaag de dag spelen thema’s als politiek, criminaliteit en ongelukken een grote rol in het achtuurjournaal. En doordat we binnen één klik iets kunnen uploaden op Facebook of Youtube, verdwijnen de digitale grenzen in onze wereld. Hierdoor zijn we direct op de hoogte van wat er aan de andere kant van de wereld voor ellende afspeelt. Wat als gevolg heeft dat het lijkt alsof er overal narigheid is.

Vroeger was alles slechter

Als we gaan kijken naar de geschiedenis, leven we nu eigenlijk in een soort paradijs. Dit beschrijft historicus Rutger Bregman ook in zijn boek Gratis geld voor iedereen waarin hij zijn idee voor een realistische utopie schetst. Hij vertelt volgens hem de belangrijkste les van de geschiedenis: vroeger was alles slechter.

Gedurende zo ongeveer 99 procent van de wereldgeschiedenis was 99 procent van de mensheid arm, hongerig, bang, vies, dom, ziek of mismaakt. Blaise Pascal (1623-1662), de Franse filosoof, schreef in de zeventiende eeuw dat het leven nog één groot tranendal was. “De mens is groots omdat hij weet dat hij ellendig is,’ noteerde hij.”

Twee eeuwen later was het leven nog steeds vrij erbarmelijk. Ook in het bekende verhaal Les Miserables van Victor Hugo komt dit goed naar voren. Deze roman is uitgebracht in 1862. Het leven van toen was inderdaad vrij miserabel. Mensen moesten enorm lange werkdagen maken, om zichzelf te onderhouden. Tijd voor rust was er niet.

Van een sterk sociaal vangnet was nog geen sprake, dus in de goot belanden, betekende écht aan een zijden draadje bungelen. In die tijd hadden ook vrouwen het veel minder goed. Stemrecht was iets waar vrouwen van konden dromen, en juridisch gezien konden ze geeneens scheiden van hun eigen man. En van zoiets als vakantie was al helemaal geen sprake.

Dit vind je vast ook interessant: Antwoord op: wat is de zin van het leven?

 

Leven in Luilekkerland

Tegenwoordig zijn veel zaken hiervan verbeterd. Zo hebben vrouwen stemrecht, belanden we minder gauw in de goot en kunnen meer dan de helft van alle Nederlanders één keer of vaker per jaar op vakantie, volgens NIBUD. En wanneer we ziek worden, is de kans groot dat we professionele medische zorg krijgen. Kortom, de gemiddelde Europeaan heeft het beter dan ooit.

Helaas is er nog steeds armoede en hebben mensen in derdewereldlanden echt geen lui en lekker leventje. Toch wordt ook hier vooruitgang geboekt. Bregman stelt in zijn eerdergenoemde boek: “In 1820 leefde 84 procent van de wereldbevolking in extreme armoede. In 1980 was dat afgenomen naar 52 procent en nu, slechts een paar decennia later, zitten we onder de 10 procent. Als het zo doorgaat is de extreme armoede – de toestand waarin bijna iedereen bijna altijd heeft geleefd – binnen dertig jaar uitgeroeid.” Moet er wel wat aan het klimaat en de snelle groei van de wereldbevolking gebeuren, maar dat terzijde.

Het idee van maakbaarheid

Toch heeft het leven in Luilekkerland ook zeker een keerzijde. Het lijkt alsof we leven in een wereld waar alles mogelijk is, zeker voor de gemiddelde millenial.

Maar voelt het leven ook als beter dan ooit? Door het idee van maakbaarheid, denken we in een soort droomwereld te leven waar alle toekomstvisies werkelijkheid kunnen worden. Uiteindelijk komen veel mensen tot de conclusie dat de wereld soms best een kille plek is, met dingen als concurrentie en werkeloosheid. Een ratrace waarin mislukken gewoon je eigen schuld is.

En hoe heftig de huidige ratrace-maatschappij ook kan aanvoelen, we kunnen ons wat vaker realiseren dat wij leven in de droomwereld van iemand uit de zeventiende eeuw. Want de meeste westerse mensen niet zijn arm, hongerig, bang, vies, dom, ziek en mismaakt. We hebben het op veel vlakken beter dan ooit.