Deze vrouwen zijn ‘zeevrouwen’ en staan op UNESCO werelderfgoedlijst

Ze komen tot dertig meter diepte en kunnen hun adem wel drie minuten inhouden

Ik ben nooit in Zuid-Korea geweest, toch reis ik er vaak naartoe in mijn gedachten. Langs de kust van de provincie Jeju wonen vrouwen die zich eeuwen lang onttrokken hebben aan de status quo. In de rest van de wereld werden vrouwen als ondergeschikt bestempeld, op Mara Island daarentegen stonden vrouwen aan het hoofd van het gezin. Ze worden Haenyeo genoemd, wat letterlijk ‘zeevrouwen’ betekent. Op Mara Island zijn de traditionele verhoudingen tussen man en vrouw compleet omgedraaid. Ze hebben zelfs een gezegde: baar een meisje en we braden een varken aan het spit, baar een jongen en we geven hem een pak rammel.

In mijn roman Vergeet de meisjes vertellen Iris Kouwenaar en Kay Idle, twee innige vriendinnen, elkaar verhalen om de dag door te komen. Soms hebben we verhalen nodig om ons aan op te trekken. Verhalen die kracht geven, omdat ze laten zien dat het anders kan.

Als kind werd ik uit de boom getrokken als ik wilde klimmen, terwijl mijn neven werden aangemoedigd om de hoogste tak te bereiken. Ik wilde wild zijn, maar werd afgeremd als ik mee wilde rennen achter de konijnen aan. Misschien hou ik daarom zo van verhalen waarin vrouwen vrij kunnen bewegen, zonder tegengehouden te worden louter omdat ze vrouw zijn. De geschiedenis van de zeevrouwen in Korea is er daar één van.

Al uit de zeventiende eeuw zijn er documenten te vinden die het hebben over vrouwen die tot op de zeebodem duiken om kokkeltjes, oesters en zeewier te oogsten. Voor die tijd was het een taak die uitsluitend door mannen werd uitgevoerd, maar met de jaren namen vrouwen het over.

Hoe dat precies is gebeurd, blijft onduidelijk. Er zijn een paar theorieën. Veel mannen zouden zijn gestorven tijdens het duiken waardoor de vrouwen wel moesten bijspringen. Een andere theorie zegt dat vrouwen meer vet hebben, zodat ze het langer uithouden in het water. Wat de oorzaak ook mag zijn, vrouwen blijken meer talent voor duiken te hebben, of het nu om uithoudingsvermogen gaat of om handigheid in het vinden van zeevoedsel.

De zeevrouwen begonnen aan het begin van de vorige eeuw hun waar te verkopen en dat bleek lucratief. Nu brachten ze niet langer alleen eten binnen voor de familie, maar ook geld.

Het is een bevestiging dat vrouwen in het westen eeuwenlang zijn achtergesteld

De eerste keer dat ik de zeevrouwen zag, was in een documentaire waar ik toevallig op stuitte. Ze waren goedlachs en allemaal droegen ze een rubberen wetsuit dat ze te ruim zat. Ze stookten een vuurtje langs de waterkant om zich aan op te warmen.

Soms bleven ze wel acht uur in zee, om telkens opnieuw onder te duiken zonder duikflessen. Ze komen tot dertig meter diepte en kunnen hun adem wel drie minuten inhouden. En dat alles terwijl ze zoeken naar verschillende soorten schelpdieren, die ze in een net stoppen dat ze allemaal met zich meedragen. De traditie is inmiddels aan het uitsterven. Sinds 2014 staan de vrouwen op de UNESCO werelderfgoedlijst.

Bescherming is hard nodig. Als dochters zeevrouw willen worden, moeten ze vanaf hun elfde worden getraind. De meisjes van nu hebben er geen zin in om naast hun school zulk zwaar werk te doen. De meeste Haenyeo zijn rond de vijftig, de oudste die nog actief duikt, is over de negentig en nog niet van plan om te stoppen.

Elke dag opnieuw wagen ze hun leven, want de duiken zijn niet zonder gevaar. Ze moeten oppassen voor onderkoeling, ademtekort en zelfs haaien. Al doen die laatste weinig, mij lijkt het een onprettig idee om ze tegen te komen. In de winter stoppen de vrouwen niet, ook al is het water dan niet veel warmer dan dat van de Noordzee.

De kracht van de zeevrouwen sterkt me. Er bestaat een andere werkelijkheid, die verschilt van onze geschiedenis. Daar kon het wel, en hier niet. Het is een bevestiging dat vrouwen in het westen eeuwenlang zijn achtergesteld. Vrouwen zijn niet van nature beter in verzorgen, vrouwen zijn niet van nature slecht in jagen, vrouwen zijn niet van nature ongeschikt om in bomen te klimmen. De zeevrouwen zijn daar een bewijs van, dat stemt me droevig en hoopvol tegelijk.

Meer lezen

Hoe een mansplaining meme me aan het denken zette: ben ik wel feministisch genoeg?