Waarom de zorg zo duur is – en hoe het beter zou kunnen

Het verdienmodel van de dokter is niet gebaseerd op preventie, maar op curatie

De trend lijkt onomkeerbaar: de kosten van onze ziektekostenverzekering nemen elk jaar verder toe. Hoe dat komt? Als we de media moeten geloven: omdat we steeds ouder worden. Dus al die extra kosten enkel doordat we wat langer ziek zijn? Ik kan nog wel een paar andere redenen bedenken. Confronterende redenen, maar allemaal dragen ze bij. Ik zal de belangrijkste hier noemen. En bovendien, het kan ook beter. Ook daarvoor doe ik een voorstel.

We worden steeds jonger ziek

De statistieken van het CBS laten zien dat we in de afgelopen eeuwen gemiddeld steeds ouder worden. De gemiddelde levensverwachting is gestegen van amper 40 jaar rond 1850 tot 80 jaar aan het begin van deze eeuw. Dat we steeds ouder worden is op zich een goed argument om te verklaren waarom de zorg steeds duurder wordt. Want vele van onze ouderdomsziekten zijn immers niet te verhelpen: daar moeten we de rest van ons leven mee leven. Maar dat is maar één kant van de medaille! Wat veel minder vaak verteld wordt, is dat we niet alleen steeds ouder worden, maar ook op steeds jongere leeftijd ziek: chronisch ziek bovendien. Eerder én langer ziek dus.

Er worden steeds meer mensen chronisch ziek

In tegenstelling tot een boete op door rood rijden of een veel ernstiger misdaad, is er in Nederland niemand die controleert in hoeverre iemand een potje van zijn eigen gezondheid maakt. Best bijzonder, want de gezondheidszorg wordt immers uit gemeenschappelijk geld betaald. Kies je er dus voor om als een Bourgondiër te leven: lekker en overdadig eten, veel drinken en roken: dan is de kans aanzienlijk dat je rond je 60ste levensjaar tegen een ziekte als suikerziekte, een hartinfarct of bijvoorbeeld keelkanker aanloopt. Bij een verwachte pensioenleeftijd van 67 heb je dan nog 7 jaar tijd om van een WAO of WW rond te komen, alvorens je met pensioen mag. Kies je er juist voor om bewust en gezond te leven, dan is de kans groot dat je zonder kleerscheuren je pensioen haalt.

Beide keuzes worden in Nederland op dezelfde manier beloond: dezelfde ziektekostenpremie, dezelfde pensioenen. In de zakenwereld, waar ze meer verstand van ‘zaken’ hebben, wordt wel gezegd: no cure, no pay. In de gezondheidszorg zegt de overheid: no disease, no pay. Het loont financieel dus niet om gezond te blijven. Het resultaat laat zich raden: maar heel weinig mensen maken zich druk over ‘later’ en steeds meer mensen worden door de wereld van overvloed, fysieke inactiviteit en hoge mate van stress op steeds jongere leeftijd chronisch ziek.

De zorg is gebaat bij zieke mensen

Dan de dokters. Denkt u echt dat de dokters er belang bij hebben om u beter te maken? Om eerlijk te zijn ja! Maar dat geldt vooral voor de artsen-in-opleiding (zoals ik), die voor een vast salaris 80 uur per week moeten werken. Ik verdien geen stuiver meer of minder voor elke patiënt die ik meer of minder zie, dus hoe minder patiënten hoe beter. Is het niet uit algemeen gezondheidsoogpunt, danwel vanuit mijn eigen gezondheid bekeken. Maar ik ben slechts een radertje in het veel grotere systeem. De ziekenhuizen zijn juist gebaat bij meer patiënten, meer procedures en liefst ook bij veel ziekere patiënten voor wie ze duurdere DBC’s kunnen openen. Het verdienmodel van de dokter is niet gebaseerd op preventie, maar op curatie – mensen beter maken. Zolang de zorgverzekeraar noch de patiënt, noch de arts op enige wijze beloond wordt voor een gezonde leefstijl zal geen van beide er werk van maken om iets aan preventie te doen.

De overheid verdient ook aan zieke mensen

Dacht u dan misschien dat de overheid zich wel zorgen maakt over uw gezondheid. Helaas kijkt die ook niet verder dan de komende verkiezingen. En investeringen in preventie betalen zich pas na tientallen jaren terug. Dus geen politieke partij die daarin wil investeren. De politiek is bovendien het mikpunt van de lobby vanuit allerlei verschillende hoeken, die eveneens niets met een gezonde leefstijl op hebben, maar wel grote hoeveelheden geld verdienen met een ongezonde leefstijl: denk aan de farmaceutische industrie, de tabaksindustrie, de alcoholindustrie, de zuivelindustrie, de veeteelt, de fastfoodindustrie en de levensmiddelenindustrie. In die sectoren worden miljarden verdiend aan een ongezonde leefstijl. Vandaar dat het voor hen loont om via lobbyisten de overheid financieel zo te prikkelen dat ook zij inzetten op korte termijn gewin, in plaats van op een lange termijnoplossing voor het werkelijke probleem: een ongezonder wordende bevolking.

De angst van de arts om te schaden

Elke arts legt de Eed van hippocrates af. Daarin staat onder andere: Ik zal zorgen voor zieken en gezondheid bevorderen. Ook staat in de eed: Ik zal aan de patiënt geen schade doen. In de eed staat echter ook ‘ik zal lijden verlichten’ en ‘ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving.’ Maar wat weegt er zwaarder? In de praktijk halen artsen -veelal ongevraagd- voor hun patiënten het onderste uit de kan. Hoeveel patiënten zeggen pas ná de chemotherapie dat ze hier achteraf nooit aan begonnen zouden zijn? En heeft een terminal zieke patiënt ooit de keuze gekregen tussen een reis naar Hawai of een chemokuur, ook al was de eerste de helft goedkoper en had de patient hier in zijn laatste levensfase wellicht veel meer plezier aan beleefd? Aan de andere kant zijn er ook genoeg patiënten die vanwege verschillende, al dan niet religieuze, overtuigingen dusdanig aan het leven vastklampen, dat ze met alle mogelijke moeite in leven gehouden willen worden. Al liggen ze de komende 40 jaar van hun leven in coma aan een beademingsmachine. Durft de arts dan tegen de wil van de patiënt of diens familie in toch de stekker eruit te trekken? Met de kans op het beklaagdenbankje te eindigen? Of met naam en toenaam op de voorkant van een nieuwsblad, dat enkel gericht is op een smaakmakende voorpagina (lees: op financieel gewin).

Juist met een toenemende levensverwachting zullen we moeten aanvaarden dat het leven eindig is. Vanaf een bepaald moment moet de kwaliteit van leven belangrijker zijn dan leven an sich. Als dit soort onderwerpen niet bespreekbaar blijven, dan is er geen financiële limiet meer aan een mensenleven. Hoe zwaar deze keuzes (ethisch en gevoelsmatig) ook zijn, als meer dan 50% van de onder de 24 weken prematuur geboren kinderen levenslang hulpbehoevend zal zijn, dan is het de vraag of de baten tegen de kosten op blijven wegen. Met de steeds verdere vooruitgang van de zorg zullen we onszelf deze vragen moeten stellen. Want waar ligt de grens?

De kromme wetgeving

Zolang er wel een boete op door rood rijden is of op belastingontduiking is het vreemd dat een ongezonde leefstijl op geen enkele manier ‘belast’ wordt casu quo een gezonde leefstijl op geen enkele manier beloond wordt. Mensen die meer verdienen betalen meer belasting, hoe harder je rijdt, des te hoger de boete. Rij je langdurig schadevrij, dan bouw je no-claim op. Maar het eigen risico in de zorg is gemaximeerd op minder dan 1000 euro. Een gezonde leefstijl mag zelfs niet beloond worden, dat gaat in tegen onze wetgeving. En een ongezonde leefstijl is echt op geen enkele manier goed te praten. Verhalen dat een roker netto meer oplevert dan hij of zij kost zijn inmiddels ruimschoots ontkracht, als ook de verloren arbeidsjaren en arbeidsefficientie worden meegerekend. Het wordt dus de hoogste tijd dat de overheid ons meehelpt om ons te beschermen tegen de wereld van overvloed waarin we terecht zijn gekomen.

Financiële prikkels om overvloedsziektes te voorkómen

Omdat welvaartsziektes tegenwoordig juist meer en meer onder de laagste sociale klassen van de bevolking voorkomen is het beter hier een andere term voor te introduceren. ‘Diseases of affluence’ of overvloedsziektes lijkt mij hiervoor een geschikte keuze. Deze overvloedsziektes, zoals suikerziekte, hart- en vaatziekten en kanker kunnen voorkómen, of uitgesteld worden, met een gezondere leefstijl. Maar zolang een gezonde leefstijl op geen enkele wijze aangemoedigd wordt, hoe kan er dan van de burger verwacht worden dat deze daar zelf zorg voor draagt. De mens is van nature lui en hebberig: dat zijn evolutionair bezien ook gunstige eigenschappen. Maar in onze huidige samenleving betekent dit dat niet van ons verwacht kan worden dat we zelfstandig op onze gezondheid letten; daar zijn krachtiger prikkels voor nodig, financiële prikkels dus.

Ik denk in de eerste plaats aan een verplichte bijdrage aan preventie door de farmaceutische industrie, aan vergoeding van preventieve maatregelen door artsen vanuit de zorgverzekeraar, maar ook op korting op de zorgverzekering voor de patient bij een bewezen gezonde leefstijl. Zolang de gezondheidszorg uit gemeenschappelijk geld betaald wordt, mag toch verwacht worden dat diegenen die dit geld afnemen daar op enigerlei wijze verantwoordelijkheid voor afleggen? Natuurlijk zijn er mensen die zelf niet verantwoordelijk kunnen worden geacht voor hun (on)gezondheid. Maar laten we daar dan eens een vanuit de overheid betaalde gezondheidsinstantie voor in het leven roepen om dat te testen. Een gezondheidsdienst, vergelijkbaar met de belastingdienst. Een slogan is alvast bedacht: Gezonder kunnen wij het niet voor je maken, wel makkelijker!

Meer lezen

Wat is diabetes nu precies?

Niets meer missen van Bedrock?

Like hier onze Facebook-pagina en blijf up to date. Of schrijf je in voor de Bedrock-nieuwsbrief.